31 maart 2020

Kinderen in pleegzorg - emoties tonen

 Daar zeg je me wat. Emoties tonen, dat is nogal een hoofdstuk. Emoties begrijpen, emoties toelaten, de hele bups. 

En als je dan zelf met veel moeite eindelijk doorhebt hoe belangrijk het is dat je je eigen emoties niet tegenhoudt, maar gewoon laat komen, zodat je gaat ervaren dat ze daarna echt weggaan in plaats van te blijven hangen en voor een steeds grotere druk zorgen, ga je beseffen dat dit HET grote probleem is van het hele gezin. 

Dat de kinderen zo weinig (of helemaal geen) emotie toonden toen ze zomaar bij hun ouders werden weggehaald en op andere plekken bij wildvreemde mensen werden ondergebracht, dat vond de voogd vreemd. 
Maar toen een van de kinderen op school niet altijd zo braaf en meegaand was, maar af en toe de aandacht trok met clownesk gedrag, dat vond ze ook vreemd. En de juf ook. 

En zo kan ik een lange post schrijven, wat ik niet doe want ik wil het zo schrijven dat het niet al te herleidbaar is naar de kinderen.

Dat ik zelf zo weinig emoties toonde (de eerste helft van het hele traject tot nu toe), dat vonden ze vreemd. Maar als ik dan een keer wel liet zien hoe hoog het me zat, dan was dat weer vreemd.

Begrijp je mijn frustratie en verbazing? Juist mensen in de hulpverlening zouden toch moeten begrijpen hoe belangrijk is dat de apathie eindelijk verdwijnt? Dat je zou moeten staan te juichen als er ergens iets van emotie te bespeuren is? 

Dr. Melillo schrijft in zijn boek Disconnected Kids, dat als kinderen (en dat geldt volgens mij net zo goed voor volwassenen) eindelijk de verbinding gaan maken die aan de basis van hun bestaan had moeten liggen, dat ze dan in een versneld tempo een gezonde ontwikkeling doormaken, inclusief bijvoorbeeld peuterpuberteit. Dat het dan heel fijn is, en toe te juichen, als een kind van 12 gedrag gaat vertonen dat bij gezond opgroeiende kinderen komt op 2-jarige leeftijd. En dat je ze ook zo moet behandelen alsof ze twee jaar oud zijn: hen laten uitrazen en niet berispen op dit gedrag. Dat ze dan pas de gelegenheid krijgen om ook weer door te groeien.

Ik ben ontzettend blij dat ik dit nu weet. Maar ik had het zo fijn gevonden als degenen die voor mijn kinderen zorgen dit ook wisten.....


30 maart 2020

Kinderen in pleegzorg - opvoedmethoden

 Mijn kinderen zijn verdeeld over meerdere plekken, en dus heb ik ook te maken met zeer uiteenlopende opvoedmethoden. Dat heeft voor heel wat verwarring en frustratie gezorgd...


In het begin trok ik het me nog heel erg aan hoe anderen over mij dachten. Logisch, want ik wilde vanaf het begin laten zien dat de kinderen bij mij veilig waren, en vooral de voogd moest daar ook van overtuigd raken. Dat valt niet mee als de pleegouders van één kind duidelijk andere richtlijnen volgen dan ik - veel strakker - en niet rechtstreeks met mij communiceerden maar dat ging dan via hun eigen organisatie, die weer contact opnam met de voogd en die dan een mailtje aan mij stuurde dat er zorgen waren over iets wat ik had gedaan (of niet gedaan). Terwijl niemand gewoon aan mij vroeg wat er precies aan de hand was, en het in de allermeeste gevallen gewoon een opgeblazen zeepbel was die na opheldering uit elkaar spatte.

Op een van de andere plekken is de opvoedmethode juist veel losser dan die van mij. Dat vond ik eerst maar lastig te rijmen met de kritiek die er vanuit de ene kant via de voogd kwam. Diezelfde dingen zag ik namelijk gebeuren in het andere huis, maar dan nog een graadje erger.

Toch heeft juist dit verschil tussen de twee huizen mij laten zien dat ik zelf eigenlijk best oké was in de manier waarop ik met mijn kinderen omging. Misschien juist omdat ik er zo'n beetje tussenin zit.
En het heeft eigenlijk heel helend gewerkt om hier diep over door te denken, situaties van vroeger terug te halen en die te leggen naast wat ik bij hen meemaakte, te denken, te overdenken, en nog eens na te denken. En te concluderen.

Op de derde plek, waar twee pubers zaten (nu zit er nog één), zijn meerdere begeleiders. Met een aantal van hen heb ik een band opgebouwd, zodat ik bovenstaande dingen af en toe met hen kon bespreken. Van hen kwam - gelukkig - steeds meer waardering voor mijn standpunten, ook voor wat ik over de jongere kinderen vertelde. En wat de opvoeding van deze pubers betreft, heb ik eigenlijk altijd wel de indruk gehad dat ze mij zoveel mogelijk de regie lieten behouden en betrokken bij wat er gebeurde. Met hen heb ik het meest het gevoel dat ik het samen met hen doe. Wellicht komt dit doordat deze kinderen niet meer zo jong zijn, misschien komt het ook door de opzet van deze instelling, in elk geval ben ik er erg blij mee!

En ja, je hebt het goed gelezen, inmiddels is één van deze twee pubers full-time bij mij in huis!

29 maart 2020

Kinderen in pleegzorg - schuldgevoel

 Er zitten heel veel kanten aan het hebben van kinderen in pleegzorg. Hierover kan ik de komende tijd schrijven. De redenen voor een uithuisplaatsing kunnen heel divers zijn, maar één ding hebben ze gemeen: de ouders zijn niet in staat om de kinderen voldoende veiligheid en stabiliteit te bieden in hun eigen situatie. Mooier dan dat kun je het niet maken. Je bent nu eenmaal samen gezaghebbend ouder, en het is je taak om samen een veilige situatie te scheppen.


Dat dit niet kon, was een enorme klap. En met het zicht dat ik nu heb, was het nog steeds niet te voorkomen. Je kunt alleen maar "goedgekeurde" ouders zijn, als je in staat bent om naar de behoeften van het kind te kijken en die te vervullen zonder dat je jezelf in de wielen rijdt door strijd met de andere ouder. En dat is wederzijds uiteraard. Zo'n strijd gaat altijd ten koste van de veiligheid, voorspelbaarheid en stabiliteit van de kinderen. En dat zagen de medewerkers van de Kinderbescherming bij ons gebeuren. Het advies om de kinderen uit huis te plaatsen was zelfs onverwacht voor de zeer betrokken hulpverlening die we al hadden, dus je kunt wel nagaan hoe hard dit is aangekomen.

Nu het schuldgevoel. Dat was er, uiteraard. Hele bergen.

  • omdat ik het niet heb voorkomen
  • omdat er eentje, die bijna 18 was, zo abrupt voorgoed het huis moest verlaten zonder een harmonieuze, logische ontwikkelingslijn daaraan voorafgaand
  • omdat twee van de andere kinderen zich niet prettig voelden op de plek waar ze kwamen
  • omdat de kinderen hun moeder niet bij zich hebben op de momenten dat ze het moeilijk hebben
  • omdat je als ouder voor je kinderen moet kunnen zorgen
  • omdat ik niet in staat ben geweest om het huwelijk goed te houden of te krijgen, ook al dacht ik dat ik wist hoe het werkte in het leven
GELUKKIG weet ik raad met dit schuldgevoel. Nu ik dit zit te typen, heb ik weliswaar een brok in mijn keel, maar ook grote rust daaronder. Want ik weet dat het niet anders had gekund. En ik weet bovendien dat aan alles wat ik als negatief zou beschouwen, ook positieve kanten zitten.

Waarover later meer.




28 maart 2020

Wanneer ben je een goedgekeurde ouder?

 Je kunt begrijpen dat deze vraag mij flink door elkaar heeft geschud. Als je eenmaal in het vizier van de Kinderbescherming bent, kom je niet meer zo makkelijk weg met een opvoeding die in andere gevallen de aandacht niet zou hebben getrokken van de instanties en een serie gezonde jong-volwassenen zou hebben opgeleverd. En daarmee bedoel ik uitdrukkelijk niet de opvoedingssituatie die er was vóór het hele drama begon.


Dat de kinderen in pleegzorg werden ondergebracht, was enorm pijnlijk en verdrietig, maar ook niet te vermijden. De belangrijkste reden hiervoor was dat wij als ouders het niet voor elkaar kregen om samen een veilige en stabiele basis te bieden aan de kinderen. Ik had heel graag de kinderen meegenomen om ergens anders te gaan wonen, zoals het in mijn beeldvorming ging bij scheidingen, maar ik had geen enkele mogelijkheid hiervoor of ik had ze moeten meenemen naar een blijf-van-mijn-lijfhuis, en dat wilde ik ze niet aandoen. Ik was het er dus mee eens dat ze tijdelijk ergens anders gingen wonen, en ik ging vol goede moed aan de slag met de voorwaarden die werden gesteld.

Een van die voorwaarden was dat we een ouderschapsplan zouden opstellen. Maar om zo'n plan te maken, heb je twee partijen nodig, en hoeveel moeite ik ook deed, ik kreeg geen enkele reactie van mijn ex-man. Nu is dat iets dat de voogd ook wel ziet, en op een gegeven moment was deze voorwaarde niet meer op deze manier van kracht, maar wordt die uitgesteld tot het moment dat de communicatie weer mogelijk is. Tot die tijd ligt de focus alleen op het terugplaatsen van de kinderen bij mij, fulltime dus en niet in co-ouderschap.

Maar dan. Een andere voorwaarde was - uiteraard - dat wij de kinderen kunnen geven wat zij nodig hebben, en in mijn geval geldt dat natuurlijk alleen voor mij. En dan krijg je ineens te maken met allerlei instanties die daarover wat te zeggen zouden kunnen hebben. Omdat de kinderen die nog onder de 18 zijn, over drie plekken verdeeld zijn, krijg je ook van drie verschillende kanten extra input: niet alleen vanuit de directe verzorgers, maar ook van de instanties die daar weer achter staan, inclusief hun gedragswetenschappers en coördinatoren. En dan nog het maatschappelijk werk ter plaatse of een andere algemene instelling (deze is nog niet in beeld), en natuurlijk de toeziend voogd zelf.

Het gekke is dat de meningen van al die verschillende mensen ook wel eens onderling sterk verschillen. Toen ik nog wat meer in de afhankelijke modus zat, was dat voor mij dan ook ongelooflijk verwarrend. Want wie moest ik nou geloven of tevreden stellen? Het kwartje begon te vallen toen ik vorige zomer begon te beseffen dat het oké is als ik mijn eigen weg vind. Een van de pleeggezinnen heeft een veel strakkere opvoedmethode dan ik, het andere heeft juist een veel lossere methode. Beiden kan ik begrijpen, maar voor mijzelf geldt dat ik mijn eigen weg zoek met de kinderen, en kijk naar wat die kinderen zelf nodig hebben. Gek genoeg sta ik sinds de ervaringen met die gezinnen veel sterker in mijn eigen schoenen.

Maar hoe weet de voogd en daarmee de Kinderbescherming nu concreet dat ze de kinderen bij mij kunnen plaatsen, zonder dat er een gereed risico is dat het fout gaat? Daarvoor moet ik danig onder de loep, van verschillende kanten, en met verschillende visies. Ik vond dat tot voor kort nogal lastig. Om dit vast te kunnen stellen, heeft de voogd een lijst met voorwaarden vastgesteld, en toen ik die las, viel er een last van mijn schouders. Want wat zij beschrijft, zo heb ik mij het afgelopen jaar in toenemende mate gedragen. Onder heel andere omstandigheden, maar dat maakt niet uit. Ik was er evengoed voor de kinderen, signaleerde problemen, zorgde voor expertise en vond creatieve oplossingen, en als er een beroep werd gedaan op mijn financiën, zorgde ik dat het in orde kwam, óók in de periode dat ik zelf geen cent had.

Wat er overblijft, is de periode dat we de omgang gaan opbouwen, dat de kinderen weer meer tijd samen gaan doorbrengen, niet alleen in vrije tijd maar ook als er verplichtingen zijn. Er is geen enkele instantie, ook ikzelf niet, die met zekerheid kan voorspellen dat dit zomaar goed zal verlopen. Wat ik wel weet, is dat ik een ontwikkeling zie in de onderlinge omgang tussen de kinderen, die ik vanaf het begin van de uithuisplaatsing elke week (en voor sommigen elke twee weken) een hele zondag bij elkaar heb gebracht. Eerst in mijn tijdelijke huisje, nu in de flat waar ik woon. En ik heb voldoende vertrouwen om die lijn door te trekken, waarbij er vast nog wel eens dingen zullen spelen, maar waarvoor we óók een oplossing zullen vinden.

Ik geloof dus dat ik supergoed voorbereid ben op de periode die komt. Het mooie is, dat ik zelf buddy's kan vragen, uit mijn eigen netwerk, om mij te helpen om het te laten slagen. Met hen kan ik de voorwaarden bespreken, aan hen voorleggen hoe ik denk het te doen of al doe, en hen de gelegenheid geven om hun visie te geven. Hiervoor bestaat ook een nationaal initiatief, de eigen kracht conferentie, waar ik  nu over aan het nadenken ben of dit iets voor ons zou zijn, waarbij je nog meer mensen officieel bij het hele traject betrekt.

De coronamaatregelen hebben de meeste ontwikkelingen op dit punt even stilgelegd, maar zachtjesaan zijn al wel contacten gelegd met degenen die voor observatie en begeleiding gaan zorgen, dit ging via Skype of telefoon en deze contacten vond ik erg hoopgevend.

Ik voel me alsof er een aanzwellend orkest op de achtergrond meespeelt, met mooie, harmonieuze klanken. Wat is het toch fijn om in vertrouwen te kunnen leven!!

27 maart 2020

Corona en pleegzorg

 De maatregelen rondom corona veranderen het leven van waarschijnlijk iedereen. In mijn situatie, met aan alle kanten contacten met mensen en instanties, is dat niet anders. Belangrijke afspraken worden geannuleerd, andere afspraken gaan wel door, via conference calls of Skype. Tot nu toe kon de omgang wel gewoon doorgaan, maar gisteren hoorde ik dat er overwogen wordt om dit ook helemaal te stoppen vanuit één van de instanties (dus dat betreft dan één van mijn kinderen). Ik zou dat ongelooflijk moeilijk vinden.


Er zitten ook heel andere kanten aan. Nu de kinderen niet naar school kunnen en het aankomt op hun discipline en motivatie, komen onderliggende problemen op dit vlak ook ineens bovendrijven. Waar een kind voorheen gewoon naar school ging, aanwezig was in alle lessen en daardoor voldoende opstak om nog een redelijk cijfer te halen bij toetsen zonder eigenlijk actief mee te doen, valt dat nu helemaal weg. Zo'n probleem mag dan wel een enorm probleem zijn dat je liever niet hebt in je leven, als het er eigenlijk onder de oppervlakte toch al zat, dan is het maar goed dat het zichtbaar wordt.

Mijn geloof wordt op de proef gesteld, en dat had ik niet verwacht. Inmiddels heb ik zóveel ervaringen opgedaan dat God voor mij zorgt, dat Hij ver van te voren alles al heeft klaargelegd zodat het op dit moment gaat zoals dat het beste is. Ik heb hierdoor leren vertrouwen op de afloop van dingen, ook zonder dat ik het al zag. En dat geldt ook voor deze situatie. Toch steekt af en toe de twijfel de kop op, en dan betreft het vooral de manier waarop alles in orde zou moeten komen, en de precieze termijn. Dat zijn dingen om los te laten, want daar heb ik geen invloed op. En als ik dat loslaat, dan daalt het vertrouwen weer neer dat het gewoon goed is zoals het is. En als ik heel goed luister, hoor ik zelfs de belofte dat dit hele gedoe rondom corona zelfs positief voor mij gaat meewerken.

Ik vind het geweldig dat ik deze stem in mijn hart mag horen en erop heb leren vertrouwen. Maar ook al zijn jouw omstandigheden misschien heel anders, en hoor je nog niet zo'n stem in je hart, dan is er wel een bijbeltekst die je op jezelf kunt betrekken: "Eén ding weten wij: voor wie Hem liefhebben laat God alles meewerken voor hun bestwil, want Hij heeft een plan met hen". Rom. 8:28. In de Amplified (de meest complete en letterlijke vertaling) staat het zo: "And we know, with great confidence, that God, who is deeply concerned about us, causes all things to work together (as a plan) for good for those who love God, to those who are called according to His plan and purpose".

Zo ervoer ik het al vele malen eerder, en zo vertrouw ik erop dat dit óók geldt in deze tijd, inclusief alle gevolgen, financieel, emotioneel en praktisch, op elk vlak, die de maatregelen rondom het coronavirus met zich meebrengen!

25 maart 2020

Het drama van het begaafde kind

 Alice Miller is ervan overtuigd dat persoonlijke problematiek de oorzaak heeft in de eerste kinderjaren. Ze schrijft hier gedreven over, in niet al te eenvoudige maar ook niet te wetenschappelijke taal.


Alice heeft zelfs het idee dat de meeste psychotherapeuten (en anderen in vergelijkbare beroepen) zelf nog een appeltje te schillen hebben met hun eigen verleden. Ze schrijft dat het typerend is voor mensen met een helpend beroep, dat ze een bepaalde achtergrond hebben vanuit hun kindertijd: ze hebben emotioneel onzekere ouders gehad, die hun vastigheid ontleenden aan het kind (die onzekerheid kan verborgen zijn gebleven achter een harde, autoritaire buitenkant. Het kind in kwestie voelde de behoefte van de ouder(s) intuïtief aan en ging zich zo gedragen dat het de goedkeuring ('liefde') van de ouders kreeg. Zijn leven had zin omdat hij in een behoefte voorzag, en zo ontwikkelde het kind zich tot luisteraar, vertrouweling, raadgever en steunpilaar. Alice vindt het geen wonder dat zulke kinderen later vaak psychotherapeut worden. Niet zelden is het zo dat zulke mensen bij hun cliënten zoeken wat ze zelf (onbewust) in hun kindertijd hebben gemist.

Behalve dat Alice schrijft over hulpverleners in het bijzonder, geeft haar boek enorm veel achtergrondinzicht over de mens in het algemeen. Ik vind het nog steeds lastig om het allemaal helemaal te bevatten, maar hoe meer ik me hierin verdiep, hoe meer begrip ik krijg voor het gedrag van mensen, of ze nu in de extreem toegevende rol schieten (codependency), of in het zich wanhopig vasthouden aan hun kwaliteiten op een eisende manier. Dit wordt door Alice grootheidswaan genoemd en wat is dat anders dan narcisme?
Met "begrip krijgen voor het gedrag" bedoel ik uiteraard niet dat ik het daarmee goedkeur. Dat kan ik niet vaak genoeg zeggen. Ik bedoel dat ik begrijp hoe het werkt, hoe het zo komt, en dat er kennelijk een drama aan vooraf is gegaan in het (verre) verleden.

Op een van de eerste bladzijden lees ik: "De verdringing van vroeger ondergane wrede mishandelingen drijft veel mensen er bijvoorbeeld toe het leven van anderen en dat van zichzelf te verwoesten, huizen van buitenlandse burgers in brand te steken, wraak te nemen en dat dan notabene ook nog patriottisme te noemen, teneinde de waarheid voor zichzelf te verbergen en de vertwijfeling van het gemartelde kind niet te voelen".

Is het niet tragisch om te bedenken hoe groot de omvang is van onverwerkt kinderleed? Bij "gewone mensen", maar ook bij de mensen die hen zo graag willen helpen? Nu ik een aardig eindje gevorderd ben in mijn eigen ontwikkeling en inzicht in mijzelf als mens, kom ik inderdaad ook bij de vele hulpverleners die er aan ons gezin zijn gekoppeld enkelen tegen bij wie op een of andere manier iets speelt, wat verhindert dat ze neutrale en effectieve hulp kunnen bieden. Ik hoop niet dat dit pedant klinkt, het is mijn interpretatie van bepaald gedrag en misschien schrijf ik er later nog wel een keer over.

Wat mij in elk geval echt helpt, is het inzicht in mijzelf zich laten doorontwikkelen. Boeken zoals dit van Alice Miller, maar ook van Marshall Rosenberg e.d. lezen en herlezen. Bij elke keer dat ik me daarin opnieuw verdiep, merk ik dat het inzicht zich dieper nestelt in mijn wezen. En ik vind het ongelooflijk belangrijk om hier zo ver mogelijk in te komen, ter wille van mijzelf, maar net zo goed van mijn kinderen en anderen in mijn omgeving.

Het boek van Alice is er dus op gericht, om ten eerste ons te helpen de ogen te openen voor de ontberingen uit onze kindertijd, zodat we "de onzichtbare en toch zo wrede gevangenis van de kindertijd eindelijk kunnen verlaten en onszelf transformeren van onbewust slachtoffer van het verleden in een verantwoordelijke mens die zijn geschiedenis kent en ermee leeft".

Ik vind het allemaal zó ongelooflijk boeiend....

24 maart 2020

De mens beter begrijpen

 Een paar jaar geleden las ik "Het drama van het begaafde kind" van Alice Miller. Ik had het in de bibliotheek gevonden na een zoekopdracht over narcisme, maar het boek bleek voor mij (alweer!) meer een eye-opener te zijn voor mijzelf. Inmiddels heb ik het boek zelf aangeschaft en lees ik het opnieuw.


Nu ik dit blogje schrijf, heb ik opgezocht wat er over Alice Miller bekend is. Het verbaast me niet dat ze zelf een dramatisch verleden heeft. Geboren uit Joods-Poolse ouders, naar Berlijn verhuisd toen ze 8 jaar was, bleef het gezin daar wonen tot 1933, waarna zij terugkeerden naar Polen. Alice was toen dus 10 jaar oud. Het gezin leefde in een ghetto, waar de 18-jarige Alice haar moeder en haar jongere zus uit wist te smokkelen, en ze wist te overleven onder een niet-Joodse naam.

Toen Alice 23 jaar oud was, ging ze in Zwitserland studeren, waar ze drie jaar later trouwde met een medestudent. Het huwelijk zou 24 jaar duren en ze kregen samen twee kinderen. Het huwelijk was niet gezond. Haar man sloeg de kinderen waar Alice bij was, zonder dat zij tussenbeide kwam. Haar zoon vertelde later dat Alice niet in staat was om over haar negatieve oorlogservaringen te praten.
Alice scheidde van haar man in 1973.

Op de Engelse Wikipedia-pagina  lees ik over de zoektocht van Alice naar inzicht over met name kindertrauma's. Zij verdiepte zich in stromingen, deed haar eigen onderzoek en ontwikkelde haar inzicht, waarbij ze het niet schuwde om forse kritiek te leveren op de algemeen geldende methodes. (Een vrouw naar mijn hart!). Ze zegde zelfs haar lidmaatschap van twee verenigingen van psychoanalytici op.

In "het drama van het begaafde kind" wordt goed duidelijk wat ze bedoelt. Ze schrijft over mensen met psychische problemen die koste wat kost willen voorkomen dat hun ouders daarvan de schuld krijgen. Die bij hoog en bij laag volhouden dat ze een geweldige jeugd hebben gehad, uit een warm nest komen. En daarmee zichzelf de toegang ontzeggen tot de oplossing van hun problemen, want die zit hem nou net in het erkennen dat die jeugd helemaal niet zo geweldig was. 

Er zit veel moois in dit boek wat het delen waard is. Morgen verder dus!



Mijn website

 Zou ik tussen al het schrijven door nog vergeten dat er ook nog een blog was... Mijn blog staat niet meer op nummer één als ik aan schrijve...