12 oktober 2021

Het ontvouwt zich

 Er gebeuren zulke mooie dingen allemaal dat ik het graag in een blogpost zet. Het begon allemaal doordat ik ervoor koos om niet de makkelijkste weg te bewandelen op het gebied van brood op de plank krijgen. Ik bedoel maar, ik had er ook voor kunnen kiezen om te solliciteren in de productie, wat ik echt heel leuk vind. Maar als alleenstaande moeder van een intensief gezin hoopte ik er al sinds mijn loopbaancoaching op, eigen baas te worden met een zelf in te vullen agenda en een uurtarief dat ervoor zorgde dat ik het met minder dan 40 uur per week ook prima zou kunnen redden.

Als opruimcoach is dit op zich goed te realiseren. Toch leefde bij mij de wens om rechtstreeks iets te doen met mijn eigen verhaal. Tijdens een wandeling heb ik dus maar gewoon aan God gevraagd of ik met mijn verhaal de kost mocht gaan verdienen. Dat is nu denk ik een jaar geleden, en sindsdien heb ik geleefd in het vertrouwen dat het op deze manier helemaal in orde komt.

Dat is niet makkelijk, want onbewust leefden en leven er nog allerlei overtuigingen die het lastig maken om in zo'n vertrouwen te kunnen leven. Ik bedoel maar, het moet zich allemaal wel waar maken. Aan de andere kant heb ik de luxe dat ik het nog wel een tijdje kan volhouden zonder volledig inkomen. Ik heb dus gewoon de ruimte om te doen wat ik het allerliefst doe: zaadjes planten en werken aan bewustwording zonder daar direct iets voor terug te hoeven vragen. 

Sinds afgelopen zomer ben ik vooral druk bezig op LinkedIn. Ik vind het prachtig. Heel veel lezen, reageren, en zelf bijdragen schrijven. Daardoor groeit mijn netwerk en leg ik waardevolle contacten. Door één van die contacten is het gekomen dat ik vandaag een offerte mocht uitbrengen voor mijn medewerking aan een training Huiselijk Geweld voor professionals, gewoon tegen het door mij gewenste uurtarief. 

En hoewel dat de eerste concrete gebeurtenis is die geld gaat opleveren, spelen er ook al andere plannen. Later dit cursusjaar ga ik een bijdrage leveren bij de Christelijke Hogeschool Ede, en met een via LinkedIn opgedaan contact broed ik op een prachtig project. 

Dit jaar ga ik zelf ook nog een training volgen. Bij Hester Macrander ga ik leren hoe ik professionals kan trainen in de geweldloze communicatie. Zij heeft een enorme voorraad aan tools die ik me heel graag eigen wil maken, zodat ik de mensen die werken met bijvoorbeeld complexe scheidingssituaties kan laten ondervinden welk verschil dit voor hen kan maken.

Ik geniet er onwijs van hoe alles zich ontvouwt!

27 september 2021

Communicatieproblemen

 Vanmorgen heb ik een kluwen aan communicatieproblemen helpen oplossen. Hoe frustrerend het ook is dat er zulke kluwens bestaan, zo bevredigend is het om erachter te komen wat er eigenlijk aan de hand is!

Een van de kinderen gaat per taxi naar Digibende in Amstelveen. Een schitterende oplossing voor een slimme jongen die op school wegkwijnde en op deze manier zijn weg in het leven wel gaat vinden. Het probleem ontstond vorige week toen de taxi niet kwam opdagen. Het cliëntaccount bleek ook niet te werken, en gealarmeerd belde ik naar het taxibedrijf. Daar werd mij verteld dat de beschikking was verlopen.

Omdat de beschikking door de gezinsvoogd is geregeld, stuurde ik haar snel een berichtje. Zij belde met het taxibedrijf en mailde hen de beschikking waarop toch echt stond dat deze geldig was tot januari 2022. Ze ging ervan uit dat het opgelost was, maar de dagen verstreken en we hoorden niets. Mijn zoon zat inmiddels een week thuis.

Vanmorgen bleek dat de gezinsvoogd ziek was. Daarom heb ik zelf maar gebeld met het taxibedrijf. Met de gemailde beschikking voor mijn neus. Bij het taxibedrijf verkeerden ze nog steeds in de veronderstelling dat de beschikking was verlopen en men raadde mij aan om contact op te nemen met de gemeente. 

Uiteindelijk - heel wat frustratie verder - bleek dat de mailtjes die van de gezinsvoogd via een beveiligde verbinding naar het taxibedrijf worden gestuurd, daar niet aankomen/niet geopend kunnen worden. Men had daar inderdaad een beschikking - ook voor hun neus - waarop heel duidelijk stond aangegeven dat deze afliep per 17 september. We hadden dus allebei gelijk! 

Hieruit bleek maar weer hoe belangrijk het is om er in de eerste plaats vanuit te gaan dat de ander gewoon zijn werk goed probeert te doen, en vervolgens uit te zoeken waar we het precies over hebben.  Nog tijdens dit laatste telefoongesprek mailde ik de beschikking opnieuw, niet extra beveiligd, en de taxiritten worden overmorgen weer hervat. 

Voelt toch goed, dat ontwarren!

07 september 2021

Codependentie in onze maatschappij: deel 3 - je eigen waarheid

 Het derde belangrijke symptoom van codependentie is volgens Pia Mellody: moeite hebben met je eigen realiteit, zij noemt het "owning your reality", maar dat is dan ook weer een begrip dat ze breed moet uitleggen om te laten zien wat ze daarmee precies bedoelt.

Het komt erop neer dat we allemaal onze eigen realiteit hebben over verschillende gebieden: ons lichaam ons denken, onze emoties en ons gedrag. Pia Mellody onderscheidt twee niveaus: mensen die op zich wel weten wat zij voelen, denken, hoe zij eruit zien etc, maar die dat niet durven zeggen, en mensen die zo uit de verbinding met zichzelf zijn (geraakt) dat zij ook niet weten wat zij voelen, denken, etcetera. Zelf zegt ze te switchen tussen deze twee niveaus.

In het boek komt in dit hoofdstuk voor mij duidelijk naar voren hoe narcisme en codependentie allebei passen in dit beeld. Frappant is om te gaan begrijpen hoe mensen oprecht kunnen zijn in hun ontkennen van de waarheid van anderen (familieleden), omdat zij zich bijvoorbeeld hun eigen gedrag oprecht niet kunnen herinneren - juist door het ontbreken van contact met hun eigen innerlijke wereld. 

Ik denk niet dat dit symptoom in de maatschappij echt gestimuleerd wordt, maar ik denk wel dat er veel mensen zijn die niet in zuiver contact zijn met hun innerlijk (er zijn mensen die beweren dat dit geldt voor slechts 5% van de mensen). Voor mij vloeit dit symptoom min of meer automatisch voort uit de vorige.

04 september 2021

Codependentie in onze maatschappij - deel 2: grenzen

 Tijdens het lezen van het hoofdstuk over grenzen in Facing codependence van Pia Mellody begint het me bijna te duizelen. Het is zó herkenbaar! Het begrijpen van hoe grenzen werken, zowel de uiterlijke als de interne, laat je in één klap begrijpen waarom het zo ongelooflijk vaak moeilijk (fout) gaat tussen mensen.

Een grens is - simpel gezegd - de scheidingslijn tussen wat van mij is en van de ander. Bij het begrip fysieke grens kunnen de meeste mensen zich gelukkig wel wat voorstellen: die grens leg je zelf om te bepalen hoeveel afstand je wilt hebben tot anderen, waarbij dit per persoon en per situatie kan verschillen (een gezonde grens is een flexibele grens). Als je zelf weet te bepalen waar jouw grenzen liggen, helpt dit je meteen om de grenzen van anderen te respecteren.

Interne grenzen gaan over ons denken, voelen en gedrag. Als wij gezonde interne grenzen hebben, begrijpen we dat onze eigen innerlijke wereld van onszelf is, we nemen daar verantwoordelijkheid voor en we mixen die niet met die van anderen. Hoewel dit zó vanzelfsprekend klinkt, is er op dit punt volgens mij onnoemelijk veel onduidelijkheid. Want doen we dit wel?

Hoeveel mensen leggen de oorzaak van hun gevoel, positief of negatief, niet bij externe factoren? En andersom: hoeveel mensen maken zichzelf verantwoordelijk voor andermans gedrag, gevoel of gedachten? Ik denk dat die manier van denken diep is doorgedrongen in de maatschappij als geheel:

  • ouders worden verantwoordelijk gemaakt voor het gedrag van hun kinderen
  • mensen denken elkaar gelukkig te kunnen maken
  • mensen zeggen pas gelukkig te kunnen zijn als hun kinderen dat zijn
  • mensen worden somber als het regent
  • enzovoort
Stuk voor stuk o zo begrijpelijke redenaties, maar niet gezond. Als je het gaat begrijpen, zie je het ineens overal. Vandaar mijn gedachte dat codependentie (wat in feite betekent dat je voor je welbevinden afhankelijk bent van externe factoren) breed aanwezig is in de maatschappij. Je herkent het niet alleen in de codependentie, maar volgens mij is dit wat ook narcisme kenmerkt. Pia Mellody beschrijft namelijk een aantal manieren waarop disfunctionele grenzen werken bij codependente mensen:

Mensen die geen grenzen kennen, hebben er geen besef van dat zij worden misbruikt, of dat zij zelf misbruiken. Hoewel de één pleger is en de ander slachtoffer, komt dit door hetzelfde probleem. Mensen met intacte (gezonde) grenzen kunnen zich maar moeilijk voorstellen dat er volwassenen zijn die niet in staat zijn om dader- of slachtoffergedrag te stoppen.

Mensen met beschadigde grenzen hebben gebieden of periodes in hun leven waar ze in staat zijn om hun grenzen te bepalen, maar die zijn afhankelijk van tijd of plaats. Er is bijvoorbeeld een verschil tussen het beleven/kunnen hanteren van grenzen thuis en op het werk of school. Of een persoon heeft moeite met het leggen van grenzen als hij moe is, of bang. Zulke mensen hebben óók maar ten dele begrip voor de grenzen van anderen, eveneens afhankelijk van tijd of plaats.

Mensen met muren in plaats van grenzen geven bewust of onbewust de boodschap af: pas op dat je niet in mijn buurt komt. De muur bestaat volgens Pia Mellody uit:
  • boosheid: als je te dichtbij mij komt, explodeer ik. 
  • angst: deze mensen mijden contact: als je te dichtbij komt, stort ik in. 
  • stilte: deze mensen proberen zichzelf onzichtbaar te maken. Ze observeren wat er gebeurt zonder zelf deel te nemen.
  • woorden: met een muur van woorden houden mensen anderen effectief op afstand doordat ze gewoon door blijven praten, ongeacht of anderen het gesprek een andere wending proberen te geven
  • mensen kunnen deze muren ook afwisselend inzetten
Sommige mensen wisselen het hebben van muren af met het afwezig zijn van grenzen. Een soort van schrikreactie op het kwetsbaar durven zijn zonder te begrijpen hoe gezonde grenzen neer te leggen.

Ik herken zowel mijzelf als mijn ex-man in een aantal van bovenstaande kenmerken. Wat is het ongelooflijk belangrijk om kinderen al jong te leren (voor te leven!!) hoe zij kunnen leren om gezonde, flexibele grenzen in te stellen!

27 augustus 2021

Codependentie in onze maatschappij - deel 1: eigenwaarde

 Tegenwoordig schrijf ik niet zoveel meer op dit blog. Het is een bal die ik niet hoog kan houden blijkbaar. Het blog heeft lang in een behoefte voorzien, maar nu is die wat verschoven. Toch zijn er onderwerpen waarover ik wil schrijven - het meeste doe ik rechtstreeks op LinkedIn, waar ik een logischer bereik heb dan op dit blog. Nu ben ik van plan om een serie te schrijven over codependentie/narcisme naar aanleiding van het boek van Pia Mellody: Facing codependence. Zij is kennelijk een autoriteit op dit gebied, en zelf ervaringsdeskundig. Dat geeft mij vertrouwen.

Tijdens het lezen van haar boek krijg ik heel sterk de indruk dat zij narcisme schaart onder een vorm van codependentie. Ze noemt de term narcisme niet, maar wel twee vormen van codependentie: zij die bijvoorbeeld makkelijk over hun eigen grenzen laten gaan, en zij die makkelijk over andermans grenzen gaan. In de loop van de volgende posts zal dit wel vaker langskomen en duidelijk worden. 

Een andere indruk die ik heel sterk uit haar boek krijg, is dat codependentie(/narcisme) niet iets is voor de "unhappy few", maar een ongewenst bijproduct is van de goedbedoelende manier waarop we in het algemeen in onze maatschappij met elkaar omgaan. En daarmee zeg ik nogal wat. Hoe belangrijk is het om te kijken naar de uitwerking van je (goedbedoelde) acties!

Pia Mellody noemt vijf belangrijke symptomen van codependentie. De eerste daarvan is een gebrek aan eigenwaarde. Een gezond mens laat zijn eigenwaarde niet afhangen van dingen die gebeuren. Ze weten dat ze evenveel waard zijn als ze veel geld hebben of helemaal niets. Als ze winnen of verliezen. Als ze geëerd worden of als iemand hen beledigt. Natuurlijk kunnen er emoties zijn, maar het besef van eigenwaarde blijft intact.

Codependente mensen hebben ofwel een totaal gebrek aan eigenwaarde (ze zijn niets waard), of juist het tegendeel: ze voelen zich superieur (is dat niet narcisme?). Zoals men zichzelf beoordeelt, kijkt men ook naar anderen. De waarde van anderen wordt dan afgemeten aan hun succes, bezit, of hoe hun kinderen het doen bijvoorbeeld. 

Hoe komt dit nou allemaal? Het is niet zo raar te begrijpen dat er veel mensen zijn met een ongezond besef van eigenwaarde als je eraan denkt hoeveel kinderen deze boodschappen krijgen (bewust of onbewust):

  • kinderen die vragen worden overgeslagen
  • kinderen zijn minder waard dan volwassenen (dat heb ik veel gezien bij feesten, waar de kinderen iets kregen dat duidelijk veel kleiner en niet per se leuker/lekkerder was dan wat de volwassenen kregen)
  • kinderen weten niet wat ze nodig hebben, dat weet de volwassene
  • kinderen mogen niet klagen. Je mag ze eigenlijk liever helemaal niet horen
  • kinderen mogen geen uiting geven aan hun primaire emoties (boosheid, verdriet)
  • enzovoort
Omdat men in de omgang met kinderen wel goede bedoelingen heeft, is het extra belangrijk om erop gewezen te worden dat deze goede bedoelingen wellicht toch een bijeffect hebben. Het lijkt me helemaal niet zo gek om eens stil te staan bij de uitspraken die je zo makkelijk tegen je kinderen doet. Wat zou hiervan de uitwerking kunnen zijn? Kweek ik een codependente toekomstige volwassene, of is mijn boodschap helder: jij bent van waarde - net zoveel waarde als willekeurig welk ander mens?

Volgende keer gaat het over grenzen.

28 juli 2021

Fouten maken


 Tijdens mijn psychologisch onderzoek bij De Waag vroeg de onderzoekende psychologe of ik nog rapporten van de basisschool had. Die had ik allemaal nog. Het was apart om met nieuwe ogen naar mezelf te kijken, dit rapport uit de tweede klas (nu groep 4) maakt het overduidelijk: "Goed gewerkt Karien! Alleen niet zo hard schrikken als jij ook eens een foutje maakt". Ik kon dan anno 2020 al wel met nieuwe ogen kijken, het zat er nog steeds in dat ik van mezelf geen fouten mocht maken. De psychologe raadde me met een knipoog aan om dit toch elke dag één keertje te doen.


Tja, fouten maken ben ik niet expres gaan doen. Toch zorgen mijn goede bedoelingen niet altijd voor het gewenste resultaat. Tegenwoordig ben ik blij als het een keertje echt "fout" gaat. Want ik wil het zo graag voorleven aan mijn kinderen - dat fouten maken mag, dat het erbij hoort, en dat je juist hierdoor vaak het beste de dingen leert.

Deze bijdrage komt voort uit een situatie binnen mijn gezin waarin ik de fout maakte om te denken dat ik een fikse ruzie tussen twee van de kinderen kon oplossen - wat niet lukte, in elk geval niet op de manier die ik graag wilde. Toch zijn er in deze op zich nare situatie een aantal dingen gebeurd waar ik achteraf erg blij om ben: een van de kinderen pakte zijn spullen bij elkaar en is uit de situatie (lees: uit het gesprek met mij) vertrokken naar de slaapkamer (TOP!!), en een ander kwam juist vanuit de slaapkamer naar ons toe om de hond te kalmeren, die door alle consternatie wild aan het blaffen was in de bench - zonder zich met ons te bemoeien (ook TOP!!). Een gesprekje vanmorgen maakte het geheel af.

Toch jammer dat je fouten niet expres kunt maken ...

09 juli 2021

Visie van Marshall Rosenberg op o.a. therapie en hulpverlening

Dit heb ik gekopieerd van de Facebookpagina van Tijn Touber:

Marshall Rosenberg biedt een alternatief voor de wraak van de gevangenis: geweldloze communicatie. Rosenberg leert om werkelijk te luisteren naar de wensen en verlangens van een ander. Want heling begint met inleven. Onder de juiste begeleiding leidt het gesprek tussen dader en slachtoffer naar bevrijding. 'Communicatie is een dans om harmonie te creëren.'
Op de terugweg naar het vliegveld van Southampton vraagt de taxichauffer me wat ik in die afgelegen boerderij heb gedaan. Als ik hem mijn ontmoeting met Marshall Rosenberg beschrijf, zegt hij: 'Die man klinkt een beetje heilig.' Ik moet lachen. Als hij eens wist wat voor ongure types Rosenberg de laatste uren tot leven heeft gewekt, dan zou hij vast een andere benaming hebben gekozen. Toch is het woord 'heilig' niet eens zo slecht. Want de woorden heilig en heling liggen in elkaars verlengde en de mensen die door Rosenberg en zijn geweldloze communicatie zijn geheeld, zijn niet meer te tellen.
Wanneer ik de vorige dag om vier uur in de middag aankom, beginnen de zestien cursisten in de kunst van het geweldloos communiceren net aan de volgende workshop. Die ochtend heeft Rosenberg hen het verschil laten zien tussen giraffe-communicatie - een giraffe heeft het grootste hart van alle dieren - en jakhals-communicatie - de jakhals maakt andere graag af. Nu moeten zij een rollenspel doen waarbij ze op bezoek gaan bij Virgin-tycoon Richard Branson om geld los te krijgen voor een Fun School project. Het is echter niet het geld, maar de manier van communiceren waar het Rosenberg om gaat. 'Communicatie is als een dans, waarbij het erom gaat harmonie te creëren. Keep the dance going. Niet alleen onze wensen - dertigduizend dollar - moeten worden vervuld, maar ook die van Branson. Vraag je af: wat zijn zíjn behoeften? Wat kun jij voor deze man betekenen?'
Als geen ander heeft psycholoog Rosenberg leren kijken naar de behoeften achter menselijk gedrag. Reeds als klein jongetje raakte hij geïntrigeerd door de drijfveren van mensen om lief te hebben of te haten. Opgegroeid tijdens de rassenrellen in het gewelddadige Detroit van de jaren veertig, werd hij geconfronteerd met het feit dat zijn joodse achternaam al haatreacties opwekte. Maar ook de andere kant van het spectrum werd zichtbaar. Zijn oom kwam iedere avond langs om zijn oma - die bij hen in huis woonde - te verzorgen. En ondanks het feit dat oma vaak haar hele bed onderpoepte, bleef de oom glimlachen 'alsof zij hem een geschenk gaf'. Wat dreef zijn oom? Wat dreef racisten en nazi's? Rosenberg zag, dat geweld vooral voortkwam uit de manier waarop mensen de wereld beleven; uit de manier waarop zij over de wereld denken. Hij zag ook, dat onze manier van denken wordt gestuurd door onze - onbewuste - behoeften en verlangens. Diepgaand zelfonderzoek - 'ik ben het grootste deel van mijn leven boos en depressief geweest' - maakte het hem mogelijk zich optimaal in anderen in te leven. Veel van zijn tijd en energie besteedt Rosenberg aan het boven tafel krijgen van diepere gevoelens van geweldslachtoffers en bajesklanten.
'Onlangs werd ik door vrienden gebeld. Zij hadden een vrouw helpen ontsnappen uit Algerije. De vrouw had moeten toezien hoe haar beste vriendin achter een auto werd gebonden en werd rondgesleept totdat ze dood was. Toen hadden ze haar voor de neus van haar ouders verkracht. Die avond zouden ze terugkomen om haar te vermoorden, maar de vrouw wist te ontsnappen. Ze was nu twee weken in Genève en huilde aan één stuk door. Of ik met haar wilde werken. Ik zei: "Stuur haar vanavond naar me toe." Mijn vrienden waarschuwden me echter: "Ze weet dat je door middel van rollenspelen werkt en zegt dat ze dat niet kan omdat ze je zal vermoorden. Het is een grote sterke vrouw." Gelukkig had ik een grote man uit Rwanda over de vloer, die is erbij gebleven. De vrouw heeft anderhalf uur tegen mij - in de rol van de dader - gegild. Ik verontschuldigde me niet, maar luisterde naar haar en liet haar merken, dat ik haar hoorde. Door mijn ogen liet ik zien dat haar lijden werd begrepen. Na twee uur schreeuwde ze: "Hoe kon je het doen?" Waarop ik antwoordde: "Dat wil ik je wel vertellen, maar eerst wil ik weten of je alle begrip hebt ontvangen die je nodig hebt." Ze knikte. Toen heb ik haar verteld welke verlangens er in mij leefden. Toen ik was uitgesproken, zei ze: "Oh, mijn God, dat is precies wat hij zei." Ik hoor dat vaak als ik de rol van de ander - dader of slachtoffer - speel. Het is niet dat ik zo'n geweldig acteur ben, maar we hebben nu eenmaal allemaal dezelfde verlangens. Op dat moment ben ik echt, authentiek. Als ik collega's train, zeg ik: "Denk niet teveel na, wees gewoon die persoon."
Toen de vrouw wegging, was ze een ander mens. Het is geweldig om te zien hoeveel verandering er in een paar uur kan optreden. En voor zover ik kan nagaan, is die verandering blijvend. Het is zo'n groot contrast met de manier waarop ik ben opgeleid. Als psychotherapeut werd mij geleerd dat zo'n therapie drie tot vier jaar duurt. Ik ga echter niet in het verleden lopen wroeten. Ik deal alleen met de gevoelens die er op dat moment leven. Een groot deel van de training in geweldloze communicatie gaat over het vermogen empathie te hebben, de kwaliteit van begrip die enorme helingskracht bezit. Empathie vereist vooral aanwezigheid en niet een ander willen analyseren of redden. Je hoeft het probleem van de ander ook niet in detail te kennen, als je er maar echt kunt zijn voor die mens. Laatst was ik in Kopenhagen voor een lezing. In de pauze stapt er een vrouw op me af die twintig minuten tegen me aan heeft gepraat over hoe moeilijk de relatie met haar dochter verliep. Aan het eind van de dag kwam ze bij me en zei: "Het is zo kostbaar wat je me hebt gegeven." Maar ik had niets gezegd, geen woord gesproken. Ik was gewoon bij haar, ik was haar niet aan het analyseren en dacht er niet over na hoe ik haar kon helpen. Ik was ook niet aan het sympathiseren: "Het doet me echt pijn dat jij je zo rot voelt." Als ik dat wel zou doen, dan zou ik mijn gevoelens op de situatie projecteren en daar heeft zij niets aan. Misschien dat ik later verdrietig ben en wel sympathie voel, maar in eerste instantie is empathie van het grootste belang.'
Rosenberg is zeer radicaal in zijn opvattingen over therapie. Niet alleen vindt hij, dat de klinische afstand die je tot je cliënt zou moeten hebben averechts en neerbuigend werkt, zelfs het hele idee van hulpverlener is voor Rosenberg een gepasseerd station. Hij noemt het gewelddadig en constateert dat de geestelijke ziekte in die ongelijkwaardige relatie niet alleen wordt onderstreept, maar ook in stand wordt gehouden: 'Ik geloof niet dat je psychotherapie kan doen als je je als therapeut opstelt. Dat kan alleen als je een authentieke connectie hebt. Ik train therapeuten om al dat diagnostische flauwekul-jargon te laten vallen, anders blijf je de ander als patiënt beschouwen. Ik leer hen, dat het stellen van een diagnose een tragische expressie is van een onvervuld verlangen in henzelf. Vergelijk het maar met een ouder die tegen zijn kind zegt, dat het lui is. Maakt zo'n opmerking het kind meer verantwoordelijk? Nee, integendeel. Wat de ouder eigenlijk wil zeggen is: "Ik heb je hulp nodig om het huis schoon te houden." Dat is het wezenlijke verlangen. Voor therapeuten geldt wat mij betreft hetzelfde. Je hebt nu eenmaal bepaalde verwachtingen over de waarden die in mensen zouden moeten leven. Als je cliënt daar niet aan voldoet, zeg dat dan gewoon. Laat zien wat er op dat moment in jou leeft, in plaats van de ander te analyseren.
Onderzoeken hebben inmiddels aangetoond, dat er geen verschil is in de effectiviteit van een therapie van een gediplomeerd therapeut en die van een leek. De psycholoog Karl Rogers liet zien, dat er drie voorwaarden zijn voor een geslaagde therapie: accurate empathie, oprechtheid - echt zeggen wat jij voelt - en onvoorwaardelijke positieve waardering.
Therapeuten moeten allereerst in staat zijn hun eigen rotzooi onder ogen te zien. Dat kan alleen als je in staat bent empathie voor jezelf te hebben. De eerste stap daarin is je bewust te worden, dat de pijn die je nu voelt er niet is door iets wat er in het verleden gebeurde, of wordt veroorzaakt door iets wat er op dit moment buiten jou gebeurt. Je pijn is altijd het resultaat van iets wat er op dit moment binnen jou leeft. Als ik in het verkeer word gesneden en boos word, dan komt dat niet door het verkeer. Het is mijn boosheid. Ik ken een vrouw in Rwanda wier hele familie is uitgemoord. Maar ze is niet boos. Ze heeft hele sterke gevoelens, maar ze is niet boos. Het gaat er alleen maar om hoe je dingen interpreteert. De eerste stap in empathie is te leren om dat wat er op dit moment in je leeft en pijn doet, zichtbaar te maken. Noem het meditatie. Het komt erop neer dat je even stopt - slow down - en kijkt wat er in je leeft. Vervolgens moet je begrijpen dat die gevoelens voortkomen uit een verlangen. De wortel is een behoefte, een bepaalde nood. Je voelt vanzelf wanneer je de ware behoefte hebt gevonden, je lichaam zal het je vertellen.'
Vrouw: 'Ik ben zo depressief'
Rosenberg: 'Oké, wat maakt je depressief?'
Vrouw: 'Mijn kinderen, moet je eens kijken hoe ze zich gedragen.'
Rosenberg: 'Je vertelt me nu over iets wat buiten jou gebeurt, maar wat gebeurt er binnen in jou?'
Vrouw: 'Dat zeg ik toch, ik ben depressief.'
Rosenberg: 'Onthoud wat ik je heb verteld, de prikkel is nooit de oorzaak. Wat gebeurt er binnen in jou?'
Vrouw: 'Niets.'
Rosenberg: 'Slow down, luister.'
Vrouw: "Nou het laat zien wat een vreselijke moeder ik ben.'
Rosenberg: 'Aha, dus je vertelt jezelf wat een vreselijke moeder je bent.'
Vrouw: 'Ja, dat ben ik toch ook?'
Rosenberg: 'Ken je mijn definitie van de hel?'
Vrouw: 'Nee…'
Rosenberg: 'Ouder zijn en denken dat er zoiets bestaat als een goede moeder.'
Vrouw: 'Dus je zegt dat ik een goede moeder ben, ondanks het feit dat mijn kinderen met justitie in aanraking zijn gekomen?'
Rosenberg: 'Ik zeg niet dat je een goede of een slechte moeder bent, ik zeg alleen dat als je denkt dat een van die twee bestaat, dat je dan depressief wordt. Oké, nu je je daarvan bewust bent, wat is de behoefte achter het idee je een goede moeder moet zijn?'
Vrouw: 'Ik wil dat mijn kind wordt beschermd en leert hoe het gelukkig en goed in het leven kan staan.'
Rosenberg: 'Hoe voel je je nu?'
Vrouw: 'Verdrietig.'
Rosenberg: 'Voelt het als depressief?'
Vrouw: 'Nee.'
Rosenberg vertelt verder: 'Mensen beschrijven de pijn die ze achter hun boosheid of depressie voelen vaak als een "zoete pijn". Het is een natuurlijke pijn, omdat het is gerelateerd aan het echte leven, en te maken heeft met werkelijke behoeften. Het is geen verwrongen pijn.'
Ian: 'Man, die bewakers zijn zulke enorme klootzakken. Ze behandelen me als snot. Ze gaan niet eens in op mijn verzoek om die training te mogen bijwonen.'
Rosenberg: 'Ian, wat is de oorzaak van je boosheid?'
Ian: 'Dat zeg ik toch net?'
Rosenberg: 'Het is niet de stimulus, weet je nog? Wat vertel jij jezelf dat je zo boos maakt?'
Ian: 'Man, ik vertel mijzelf helemaal niets.'
Rosenberg: 'Slow down, wat gebeurt er van binnen?'
Ian: 'Man, ze behandelen ons hier als varkens, ze hebben daartoe niet het recht.'
Rosenberg: 'Oké, nu is het duidelijk waarom je zo boos bent.'
Ian: 'Hoezo?'
Rosenberg: 'Omdat je zo denkt.'
Ian: 'Wat is er verkeerd aan om zo te denken?'
Rosenberg: 'Ik zeg niet dat het verkeerd is, ik zeg alleen dat het jouw eigen denken is waardoor jij je zo voelt. Laten we kijken wat de behoefte is achter dit denken.'
Ian: 'Man, ik heb die training nodig, anders ben ik binnen de kortste keren weer terug in de nor.'
Rosenberg: 'Hoe voel je je nu?'
Ian: 'Ik ben zo bang, man.'
Rosenberg: 'Ian, je hebt vanmiddag een gesprek met de directie. Acht je de kans niet veel groter dat zij jouw verzoek zullen inwilligen als je op dat moment in contact staat met je verlangens, in plaats van met boosheid en alle mogelijke oordelen over anderen?'
Vervolgens gaat Ian in een hoekje zitten en kijkt zieliger dan ik ooit iemand heb zien kijken.
Rosenberg: 'Ian, wat is er aan de hand?'
Ian: 'Ik kan er niet over praten.'
Na de lunch komt hij naar me toe en zegt: 'Ik wou dat je me eerder over boosheid had verteld, dan had ik mijn beste vriend niet hoeven vermoorden.'
Rosenberg mag zichzelf dan geen groot acteur vinden, feit is, dat hij alle rollen moeiteloos speelt, compleet met intonatie, lichaamstaal en verdraaide stemmen. In gevangenissen gaat Rosenberg vaak op de stoel van het slachtoffer zitten, zodat de dader inzicht krijgt in het leed dat hij de ander heeft aangedaan. Liever nog brengt hij dader en slachtoffer bij elkaar en begeleidt ze door de verschillende stappen naar heling. 'Ik probeer criminaliteit holistisch te bekijken. Het gaat niet om een mens die moet worden gestraft, maar om heling voor slachtoffer en dader. Bovendien zie ik criminaliteit als een teken dat er een bepaalde tekortkoming is in de gemeenschap. Gevangenissen zijn noodoplossingen die slecht werken. Statistieken wijzen uit, dat je mensen voor 30.000 dollar per jaar op een plek zet waar ze uiteindelijk slechter uitkomen; de misdaad neemt niet af. Straf en wraak werken gewoon niet. Ik weet wel, dat slachtoffers vaak uit zijn op wraak. Ik werk regelmatig in Rwanda, waar kinderen hun handen werden afgehakt en hele families zijn uitgemoord. Er is daar een groot verlangen naar wraak. En toch denk ik niet dat wraak een wezenlijke behoefte is. Het is meer een strategie. Wraak is een concept dat voortkomt uit een manier van denken waarmee we al duizenden jaren om de oren worden geslagen - namelijk dat de mens slecht is. Het is gebaseerd op de theorie, dat je mensen corrigeert door ze te laten lijden. Ik probeer mensen duidelijk te maken dat er betere methoden zijn. Onlangs was ik in een gevangenis waar een jongen zat die alleen maar dacht aan de wraak die hij op zijn vroegere huisgenoot - die hem de bak had ingedraaid - zou nemen als hij uit de gevangenis zou komen.'
Rosenberg: 'Ik weet zeker dat ik je iets kan leren wat waardevoller is dan wraak.'
John: 'Je bent gek, man.'
Rosenberg: 'Geef me even wat tijd.'
John: 'Tijd zat.'
Rosenberg: 'Oké, jij speelt de rol van je huisgenoot. Het is de eerste dag dat je uit de gevangenis komt en je zoekt hem op. Je gaat naar hem toe en duwt hem in een stoel. Dan zeg je: "Ik ga je het een en ander vertellen van wat ik heb meegemaakt en ik wil dat je mij vertelt wat je gehoord hebt. Begrepen?"
John als huisgenoot: 'Maar ik kan het allemaal uitleggen, waarom het is gebeurd.'
Rosenberg als John: 'Hou je bek, en doe wat ik zeg, zodat er een kans is dat we beiden levend uit deze kamer komen. Toen je bij mij in huis kwam, heb ik je in bescherming genomen, ik hielp je werk te vinden, et cetera. En toen heb je me verraden. Dat deed zoveel pijn.'
John als huisgenoot: 'Maar je moet begrijpen…'
Rosenberg als John: 'Hou je bek en vertel me wat je mij hoorde zeggen.'
John als huisgenoot: 'Je zei dat het je heel veel pijn heeft gedaan…'
Rosenberg als John: 'En weet je hoe het voelt om twee jaar in een gevangenis te zitten en alleen maar aan wraak te denken? Het is alsof je langzaam doodgaat.'
'John vroeg toen of we konden stoppen. Hij zat met tranen in zijn ogen en wist wat hem te doen stond. John voelde, dat hij niet zozeer uit was op wraak, als wel op het begrip en het gevoel van zijn huisgenoot voor de diepte van zijn lijden. Ik liet hem zien hoe hij empathie kan krijgen van degene die hem leed berokkende. Ik moet de mens nog tegenkomen die deze empathie heeft ontvangen en daarna toch nog wraak wil nemen op die persoon. Ik probeer incest- en verkrachtingsslachtoffers ook met hun daders te verenigen. Het enige wat ik in eerste instantie van de dader verwacht is, dat hij herhaalt wat hij het slachtoffer hoort zeggen. Geen uitleg, geen verontschuldigingen, geen zieligdoenerij. Als de dader het niet kan zeggen, dan zeg ik het voor hem. De tweede stap is rouwen. Ik laat mensen zien hoe ze kunnen rouwen: door naar binnen te gaan en je af te vragen welk verlangen door je acties niet werd vervuld. En hoe voelt het, dat je zo tegen je eigen verlangens in hebt gehandeld. Dit is zeer pijnlijk, ze krijgen nog liever een pak slaag dan naar binnen te moeten keren. Na afloop zeggen ze, dat het lijden een soort zoete pijn was, het is zo anders dan de zelfhaat die ze voelden. Als het slachtoffer er bij is, krijgt die dus niet alleen empathie, maar ziet ook echt het lijden op het gezicht van de dader. Maar het is geen lijden waar de maatschappij voor hoeft te betalen, in een gevangenis waar de dader zichzelf steeds meer gaat haten. Na het rouwen gaan we kijken waarom hij zijn daad verrichtte.'
Rosenberg: 'Wat was de goede reden dat je haar verkrachtte?'
Dader: 'Hoe bedoel je, goede reden? Wil je zeggen dat het goed was?'
Rosenberg: 'Nee, dat zeg ik niet, ik zeg alleen dat we erachter moeten komen welke verlangens je aan het bevredigen was door het te doen. We hebben net gekeken naar de verlangens die niet werden vervuld en dan hebben we het nog niet eens over het feit dat je voor zes jaar in de gevangenis terechtkomt. Er moet dus wel een sterke reden voor zijn.'
Dader: 'Man ik was boos op de wereld. Iedereen behandelt mij als shit, ik dacht: ik zal een ander eens laten voelen hoe het is om als shit te worden behandeld.'
Rosenberg: 'Je had dus begrip nodig?'
Dader: 'Maar er was meer, ik had aandacht en liefde nodig en wist niet hoe ik dat moest krijgen.'
'Dan vragen we het slachtoffer: "Kun je empathie voelen met wat zich in hem afspeelde toen hij dat deed?" Je kunt dit alleen maar vragen als zij zelf voldoende empathie heeft ontvangen. Dit voordien te vragen, is ronduit gemeen. Heel vaak worden wij aangemoedigd om de ander te vergeven. Dat gaat niet. Maar als slachtoffers zien dat de dader echt spijt heeft, gillen ze vaak: hoe heb je het kunnen doen? Dan ontstaat empathie. Ze staan dan open om het verhaal van de ander te horen. Dit is het begin van samenwerking tussen dader en slachtoffer dat tot heling leidt. Als we empathie kunnen tonen, dan hoeven we niet te vergeven. Er is dan niets meer te vergeven. Empathie en vergeving zijn hetzelfde. Dan is de cirkel rond en is er werkelijke heling voor dader en slachtoffer. Dat is bevrijding.’

Mijn website

 Zou ik tussen al het schrijven door nog vergeten dat er ook nog een blog was... Mijn blog staat niet meer op nummer één als ik aan schrijve...